Poortwachters


Op de toegangswegen naar het centrum van Grubbenvorst vindt u welkomstbeelden die 2 karakteristieke figuren uit de Grubbenvorster geschiedenis uitbeelden: de Plaggenhouwer en de Witte Dame. Op deze pagina vindt u enige achtergrondinformatie over deze Poortwachters.


Hoe en waarom "Plaggenhouwers"?

Weids is het landschap. Woeste gronden zover het oog reikt. Enkele spaarzaam voorkomende boomgroepen en bossages doorbreken de vlakke openheid van de uitgestrekte heidevelden. Talrijke vennen en enkele opgewaaide zandkoppen maken het landschap kompleet. Dichter bij de Maas, aan de rand van het dorp en buurtschappen hebben de kleine boeren de heide ontgonnen tot akkers. Langs de beken en in de oude maasbeddingen liggen de gras- en hooilanden omgrensd door weelderig groeiende houtsingels.

Zo moet het landschap rond Grubbenvorst er ongeveer 200 jaar geleden in grove trekken hebben uitgezien. De vruchtbare gronden lans de Maas trokken al vanouds mensen aan die zich op de meest geschikte plaatsen vestigden. De nederzettingsvorm in Grubbenvorst is als een krans gebouwd om de steilrand heen. (Kloosterstraat)

Al meer dan 1200 jaar geleden werden woeste gronden ontgonnen die nu nog als akkers in gebruik zijn. Het zijn de in zekere bolle vorm gelegen velden die, in een nog betrekkelijke gave staat te vinden zijn rond Grubbenvorst o.a. het Roodveld ten westen van de weg naar Lottum ter hoogte van Kaldenbroek. Door het jaarlijks opbrengen van een mengsel schapenmest met heideplaggen uit de potstallen kwam het oppervlak steeds hoger te liggen en ontstond na eeuwen de nu zo karakteristieke bolle vorm.

Deze heideplaggen of plaggen werden gehouwen op de reeds eerder genoemde heidevelden. Door de vele oorlogen in deze streek en de vele staatswijzingen die Grubbenvorst ten deel vielen bleef de armoede hier eeuwenlang bestaan en werden er door de arme dorpsbewoners ook eeuwenlang plaggen gehouwen.

Zie daar de voor de hand liggende verklaring dat de Grubbenvorstenaren op den duur Plaggenhouwers werden genoemd. Dus wij waren al Plaggenhouwer ver voordat de huidige Gekke Maondaagvereniging bestond. Het lag voor de hand dat deze vereniging zich dan ook de Plaggenhouwers gingen noemen. De eerste hoofdman van deze vereniging werd dan ook geen Prins genoemd maar, Opperplaggenhouwer. (Harie d'n ierste)

Verhaal_Witte_Dame